Johannes van Helvert

Geboorteakte

Johannes van Helvert (VIII) werd geboren op 16 mei 1791 in Dinther als zoon van Adrianus van Helvert en Johanna Maria Goort Stocks. Hij trouwt met Mechtildis Perquin op 29 januari 1814 in Dinther. Hij overlijdt op 30 november 1872 in Heeswijk-Dinther.

Johannes had Mechel te Dinther leren kennen, waar zij als huishoudster woonde bij haar oom. Deze was burgemeester en tevens rentmeester van diverse landeigenaren. Een verzoek van deze oom aan Johannes om zijn rentmeesterschap over te nemen werd beantwoord met: “ik blijf scheper”.
Bij de aangifte van de kinderen uit dit gezin hebben de betreffende ambtenaren er wel een potje van gemaakt. In de doopakten van de kinderen komen voor: van Helvoort, van Helvoirt, van Helvort en van Helvert.
De kinderen werden allen geboren in Loosbroek, gemeente Heesch en gedoopt in Dinther, omdat Vorstenbosch en Loosbroek nog geen zelfstandige parochies waren. De kapel van Vorstenbosch op Bedaf (De Brakken) werd op 1 januari 1850 vervangen door een kerk, nadat Vorstenbosch in 1846 tot parochie was verheven. Bij hun huwelijk gingen Johannes en Mechel wonen in de Hondstraat in Vorstenbosch, maar trokken na drie jaar naar Loosbroek. Dat hij zo jong trouwde had te maken met het feit dat er veel jongen mannen werden opgeroepen voor militaire dienst, maar die al ongehuwd waren werden vrijgesteld. In die tijd heerste Napoleon over Europa en de gevreesde conscriptie(*) was pas afgekondigd
(*) De verplichte militaire dienst wordt in Nederland voor het eerst in de Franse tijd in 1811 ingevoerd en heet conscriptie. Vanaf die tijd bestaat het leger uit beroepsmilitairen en dienstplichtigen. Alle mannen die de leeftijd van twintig jaar bereikt hebben, zijn in principe dienstplichtig.

Hun kinderen:
Adriana van Helvert 1815-1848, gehuwd met Petrus Paulus van Lieshout 1810-1886
Zij was de grootmoeder van de twee priesters van de Biesen, één Norbertijn en één Dominicaan.
Lambertus van Helvert (IX) 1817-1869, gehuwd met Petronella Henrika Jan Mollen 1826-1861
Johannes van Helvert 1819-1885, gehuwd met Cornelia Gerardina Dobbelsteen 1822-1878
Na zijn dood trok hij in bij zijn zus Johanna Maria. Het huwelijk was kinderloos.
Johanna Maria van Helvoort 1821-1890, gehuwd met Gerardus Verhagen 1817-1877
Stephanus van Helvert (IX) 1823-1878, gehuwd met Maria Mulders 1831-1908
Hendrika van Helvort 1825-1882, gehuwd met Symen Spierings 1824-1890
Symen was een rijke boer uit Beugt, Dinther. Ze heeft de zorg gehad van 4 minderjarige kinderen van haar broer Lambertus.
Clazien van Helvoort 1827-1840
Adriaan van Helvoort (IX)1829-1896, gehuwd met Francina van Grinsven 1834-1897
Johanna van Helvoort 1831-1832
Jan van Helvoort 1833-1906
Gerardus van Helvoort 1834-1838
Gerardina van Helvoirt 1838-1918, gehuwd met Peter van Hooft 1834-1894
Peter was timmerman en later herbergier.
Dit huwelijk was zeer tegen de zin van de ouders van Gerardina, vanwege zijn te optimistische levensinstelling. Hij was de man, die van één stuiver dronken kon worden, door op een morgen met zijn stuiver naar de buurman-herbergier te gaan, die een kwartier later weer naar hem en zo de hele dag door, met dezelfde stuiver. Ook was hij koster een maakte de doodskisten die er op het dorp nodig waren, waarbij ook hoorde, dat de timmerman de afgestorvene in de kist legde. Dit gebeurde meestal met behulp van een knechtje dat dan werd geconfronteerd met de anatomische kennis van deze timmerman, die namelijk door bepaalde grepen de dode kon laten bewegen. Er schijnt wel eens wat voorgevallen te zijn want de hulpen waren er niet erg op gesteld om vaker mee te gaan.