Piet van Helvoort

Peter van Helvoort werd geboren op 25 augustus 1900 in Rosmalen als zoon van Johannes van Helvoort en Wilhelmina van Lokven. Hij trouwde op 6 mei 1932 in Berlicum met Christina Theodora Geurtsen. Hij overlijdt op 26 augustus 1984 in ‘s-Hertogenbosch.

Piet nam het landbouwbedrijf van zijn vader over en heeft er met hulp van zijn toen nog ongehuwde broer Jan er een groter bedrijf van gemaakt. Het was landschappelijk een mooie bedrijf, maar bedrijfstechnisch een ramp. Er was niet een perceel waar machinaal werken mogelijk was. Dit kwam doordat de percelen van diverse gebruikers kris-kras door elkaar lagen, afgescheiden door ongeveer 40 eikewallen. Deze werden destijds, toen het vee nog gehoed moest worden teven als uitweg en grasland gebruikt. Ook waren de wallen de leverancier van geriefhout en voor het stoken van de sopketel, het haardvuur en de bakoven. De aankoop van het boerderijtje van Gradus Heijmans, voor 3450 gulden, loste een boel problemen op omdat er tussen de landerijen geen grensscheidingen meer nodig waren. Door ruiling van percelen, eigendom van Peerke Smulders en Tinus van Gaal, werden de andere percelen ook groter en kon het overtollige hout gerooid worden. Piet was een persoon die door avondstudie zijn praktische kennis aanvulde en ook gebruikte voor het op een hoger plan brengen van het boerenbedrijf. Hij heeft veel gewerkt voor zijn bedrijf, maar had ook tijd om zijn kennis van planten dieren uit te breiden. De natuur was hem heilig, maar voelde zich niet geroepen om de landschappelijke waarde van zijn bedrijf te sparen ten koste van zijn bedrijf. Hij was een persoon die zeer schrander was, een ontzettend goed geheugen had en evenals vele van Helvoorts veel liefde voor tradities, de familieverhoudingen en wat daar zoal mee te pas komt. Okk was hij tijdens de lange winteravonden, de verteller over Hanneske de scheper, zijn over grootvader, eigenlijk van alles wat aan oude familieverhalen in deze kroniek verwerkt is en wist ook alle namen van zijn familie die afstammen van Hanneske de scheper. Wij hebben bij het samenstellen van deze gegevens zeer veel aan hem te danken. Ook buiten de boerderij heeft hij zijn sporen verdiend op het bestuurlijke vlak, zoals secretaris van het kerkbestuur en schoolbestuur, bestuurslid en voorzitter van de wat nu heet de Rabobank. Okk was hij een van de oprichters van de inter-parochiele bijstandscommissie in Rosmalen. Tevens was hij jarenlang Hoofdbestuurlid van het Waterschap van de AA. Maar bij het vorderen der jaren en vanwege de jarenlange ziekte van zijn vrouw heeft hij deze functies er aan gegeven omdat hij vond dat hij voorrang moest geven aan zijn vrouw. Ondanks deze handicap heeft hij zijn oude dag toch zeer positief ervaren en zijn kinderen naar hun bestemming zien groeien, het geboren worden van zijn kleinkinderen beleefd als een geschenk en toen een paar maanden na hun Gouden Bruiloft, zijn vrouw overleed, was dit voor hem een heel gemis, vooral omdat hierdoor het bestaande stramien van tijdverdeling wegviel en waar hij niet zo makkelijk aan wennen kon. Door een lichte beroerte kwam hij in het ziekenhuis terecht, had alweer geregeld dat hij zijn aanstaande verjaardag thuis zou vieren, maar een nieuwe beroerte maakte aan deze plannen een einde en daags na zijn 84e verjaardag, overleed hij in het Grootziekengasthuis te den Bosch op 26 augustus 1984. Zijn vrouw Theodora(Dora) was geen Brabantse en is het ook nooit geworden ondanks het feit dat zij op jonge leeftijd naar Brabant was gekomen, om vakantie te vieren bij haar oudste zus, maar haar zus vond een hulp in huis wel makkelijk en zodoende is ze in Brabant gebleven. Haar zus was gehuwd met Willem Braam en deze had na de oorlog 14-18 in Berlicum een boerderij gekocht omdat in de Achterhoek hiertoe geen mogelijkheid was. Dus Dora op vakantie naar een streek waar de Geldersen niet zoveel mee op hadden. Dit kwam vooral door de heel andere geaardheid van de Brabanders, het moeilijk verstaan van de taal wederzijds en de totaal andere werkmethoden op het boerenbedrijf. Dit had tot gevolg dat Dora in het besloten kringetje van haar familie opgroeide, nooit de taal geleerd heeft en hier ook geen behoefte aan had. Ze was van zichzelf erg gesloten, maar de personen waarop ze gesteld was, konden bij haar geen kwaad doen. Toen ze bij haar huwelijk het besloten kringetje ging verlaten, was het wel even wennen in de Maliskamp, vooral de meer dan buitengewone nieuwsgierigheid van de nieuwe buurvrouwen kon ze niet uitstaan. Ook was ze niet erg gesteld op het voortdurend lenen van allerlei huishoudelijke artikelen. Dit wekte haar wrevel op. Ook met de vele marskramers die tijdens haar eerste huwelijksjaren nog rondkwamen, maakte ze korte metten, door deze mensen hun hele hebben en houden te laten uitpakken en dan te zeggen dat ze toch niets kocht. Meestal was de tweede keer dat dat slag mensen zich vertoonden ook de laatste keer. Ze was voor haar kinderen een fijne moeder, hield van een grapje en wist ondanks haar druk leven met haar huishouden toch altijd nog een gaatje te vinden om aandacht aan de kinderen te wijden. Voor haar zelf was ze erg hard en moest er nog al wat gebeuren als ze door ziekte op bed noest blijven. Dit was ook datgene wat haar het meeste verdriet deed, dat ze uitgeschakeld was om mee te werken, toen ze vanwege haar ziekte jarenlang het bed heeft moeten houden. Haar hobby was melken en hoe meer hoe liever. Dit heeft ze lang blijven doen evenals het fokken van konijnen. Breien en andere naaldvakken deed ze omdat het moest maar dat was voor haar geen liefhebberij. Zij vond dat spelen met draadjes maar niets. Omdat ze zich niet gemakkelijk uitte, is later gebleken dat het vrij jong overlijden van haar oudste zus, waarvoor ze naar Brabant was gekomen, haar heel veel verdriet heeft gedaan en ook toen haar kleinkind Anita, door een ongeluk op driejarige leeftijd stierf. De laatste jaren leefde ze vooral op het bezoek van de kleinkinderen en waren de H. Missen die aan haar ziekbed in de huiskamer gevierd werden ook hoogtepunten in haar leven. Nadat hun Gouden Bruiloft op grootse wijze gevierd was en zij hier ook haar vreugde aan had beleed, ging haar gezondheid plotseling vrij snel achteruit en overleed ze op 76-jarige leeftijd in Mariaoord op 1 augustus 1982.

Hun kinderen:
M Johannes Geertrudis Jan van Helvoort 1933 Gehuwd 24 januari 1961, Schijndel, met Johanna Wilhelmina Martina Jo Hellings 1935
V Geertrudis Wilhelmina Maria Truus van Helvoort 1934 Gehuwd 20 februari 1963, Vlijmen, met Cornelis Kees Mommersteeg 1926
Truus is na haar opleiding tot verpleegster, gehuwd met Kees en kregen 3 kinderen:
Herman 28 november 1963,
Norbert 18 januari 1965 en
Marty 30 september 1970

V Wilhelmina Maria van Helvoort 1935 Gehuwd 17 november 1965, Berlicum, met Hendrikus Wilhelmus van Gerven 1936
Zij heeft na haar opleiding de taak van haar moeder overgenomen n.l. de zorg voor het grote gezin. Hendrik was beambte bij de Waterleidingmaatschappij Oost-Brabant.
Zij kregen 2 kinderen:
Adrie, 19 september 1966 en
Pieter, 29 juni 1968

M Theodorus Stephanus Theo van Helvoort 1936 Gehuwd 22 mei 1965, Geldrop, met Adriana Elisabeth Petronella Maria Addy Sweegers 1940
M Stephanus Petrus Stef van Helvoort 1937-2001 Gehuwd 12 februari 1966, Mierlo-Hout, met Wilhelmina Gertruda Hermana Willy Spit 1940-1994
V Christina Arnolda Maria van Helvoort 1938
M Herminegildus Josephus Nicolaas Herman van Helvoort 1940-2009
V Clasina Lucia Maria Claartje van Helvoort 1941 Gehuwd 24 november 1966, Rosmalen, met Wilhelmus Wim van de Camp 1943
M Petrus Josephus Antonius Piet van Helvoort 1943-2004 Gehuwd 10 september 1968, Rosmalen, met Henrica Adriana Riek van Bakel 1944
M Wilhelmus Antonius Clemens Maria Wim van Helvoort 1946 Gehuwd 3 november 1993, Rosmalen, met Matilde Maria Tilly van Summeren 1943
V Maria Theodora Bernadette Maria van Helvoort 1948-2017 Gehuwd 4 september 1970, Rosmalen, met Henricus Richardus Harry van Oers 1946
V Theodora Wilhelmina Antonia Maria Tonnie van Helvoort 1950 Gehuwd 7 januari 1972, Rosmalen, met Antonius Martinus Bernadette Antoon van Gaal 1948